IEFBE 4119
10 maart 2026
Uitspraak

Hof van Cassatie 13 juni 2025: vermelding van de fonogramproducent ‘als dusdanig’ vereist voor beroep op het vermoeden van houderschap van de rechten

 
IEFBE 4117
10 maart 2026
Uitspraak

A-G Rantos over persoonlijkheidsrechten bij tv- en internetuitzendingen: geen volledige bevoegdheid in Polen zonder individualiseerbare benadeling

 
IEFBE 4116
9 maart 2026
Artikel

Metaphors we judge (AI) by: a rhetorical analysis of artificial copyright disputes

 
IEFBE 4119

Artikel door Caroline Theunis, Artes Law.

Hof van Cassatie 13 juni 2025: vermelding van de fonogramproducent ‘als dusdanig’ vereist voor beroep op het vermoeden van houderschap van de rechten

13 jun 2025, IEFBE 4119; C.23.0496.N (M.L. en High Fashion Music BV tegen North East South NV), https://ie-forum.be/artikelen/hof-van-cassatie-13-juni-2025-vermelding-van-de-fonogramproducent-als-dusdanig-vereist-voor-beroep-op-het-vermoeden-van-houderschap-van-de-rechten-1


In het arrest van 13 juni 2025 preciseert het Hof van Cassatie de reikwijdte van het wettelijk vermoeden van houderschap ten behoeve van fonogramproducenten in België.

Het Hof bevestigt dat de feitenrechter onaantastbaar oordeelt of aan de toepassingsvoorwaarden van dit vermoeden is voldaan. Niet iedere vermelding op (een reproductie van) een fonogram volstaat opdat het vermoeden van houderschap uitwerking heeft: vereist is dat die persoon ‘als dusdanig’ wordt aangeduid.

Dit artikel is geschreven door Caroline Theunis, advocaat bij Artes Law.

IEFBE 4117

A-G Rantos over persoonlijkheidsrechten bij tv- en internetuitzendingen: geen volledige bevoegdheid in Polen zonder individualiseerbare benadeling

HvJ EU - CJUE 5 feb 2026, IEFBE 4117; ECLI:EU:C:2026:76 (Z.R. en Ś. tegen U. en Z.), https://ie-forum.be/artikelen/a-g-rantos-over-persoonlijkheidsrechten-bij-tv-en-internetuitzendingen-geen-volledige-bevoegdheid-in-polen-zonder-individualiseerbare-benadeling

Conclusie A-G HvJ EU 5 februari 2026, IEF 23333; IEFbe 4117; ECLI:EU:C:2026:76 (Z.R. en Ś. tegen U. en Z.). In deze conclusie bespreekt advocaat-generaal Rantos de internationale bevoegdheid onder art. 5, punt 3, EEX-Vo 44/2001 bij gestelde aantasting van persoonlijkheidsrechten door een televisieserie die in meerdere lidstaten op televisie is uitgezonden en ook online beschikbaar was. Aanleiding is een Poolse procedure van een voormalig lid van een verzetsformatie en een Poolse vereniging van oud-leden tegen twee in Duitsland gevestigde producenten. Volgens verzoekers zet de serie de betrokken verzetsformatie neer als antisemitisch en collaborerend, waardoor hun persoonlijkheidsrechten zijn geschonden. De Poolse hoogste rechter vraagt het Hof in wezen twee dingen. Ten eerste of de Poolse rechter, als rechter van de staat waar de serie is uitgezonden en waar het centrum van de belangen van verzoekers ligt, bevoegd is om kennis te nemen van de gehele vordering: dus niet alleen van schade in Polen, maar ook van volledige immateriële schade door uitzending in andere lidstaten, én van verstrekkende niet-geldelijke maatregelen zoals excuses op alle betrokken zenders en websites en een voorafgaande disclaimer vóór iedere uitzending. Ten tweede, als dat niet zo is, of de Poolse rechter dan in elk geval bevoegd is voor het Poolse deel van de zaak: dus voor schade die in Polen is ingetreden en voor territoriaal beperkte maatregelen zoals excuses of een waarschuwing bij uitzending in Polen.

IEFBE 4116

Metaphors we judge (AI) by: a rhetorical analysis of artificial copyright disputes

Michiel A Smit, 6 maart 2026. 

I. Introduction

Generative artificial intelligence (GenAI) is too complex to fathom directly in a technological sense. At the very least, that is true for most lawyers, who instead orbit these ‘black boxes’ metaphorically without ever touching their core. As a consequence, language and rhetoric matter even more than they did before in copyright disputes. This article aims to analyse how the key questions concerning copyright and AI, indeed, largely revolve around metaphorical thinking, and how these metaphors affect our legal reasoning and judgements on these matters. In doing so, it provides an overview of European and US approaches to the most essential AI-related copyright questions with a strong emphasis on language.

The first legal question to be addressed is whether unauthorized training on data is allowed under copyright. A debate in which the metaphor ‘GenAI learns’ plays a crucial role. Next, the ‘memorization’ question will be discussed: do AI models actually copy works on which they are trained, or do they merely memorize or remember? Finally, the matter of copyrightability: can AI-generated output be protected by copyright? As will become apparent, this debate hinges on the question whether GenAI is just a ‘tool’ or ‘instrument’ or something more. But before addressing these questions, it is important to begin with an introduction to metaphors and why these matter to lawyers, particularly those dealing with AI and its intersection with copyright.

IEFBE 4115

Gerecht bevestigt weigering van Pol’s FREEZE FRESH wegens reputatie van PAUL

Gerecht EU - Tribunal UE 4 mrt 2026, IEFBE 4115; ECLI:EU:T:2026:169 (Pols Erm Tarim Anonim Sirketi tegen EUIPO en Holder SAS), https://ie-forum.be/artikelen/gerecht-bevestigt-weigering-van-pol-s-freeze-fresh-wegens-reputatie-van-paul

Gerecht EU 4 maart 2026, IEF 23321; IEFbe 4115; ECLI:EU:T:2026:169 (Pols Erm Tarim Anonim Sirketi tegen EUIPO en Holder SAS). Het Gerecht heeft het beroep van Pols Erm Tarim Anonim Sirketi volledig verworpen en daarmee in stand gelaten dat het Uniemerk Pol’s FREEZE FRESH voor het grootste deel van de betrokken waren niet kan worden ingeschreven. Het geschil draaide uiteindelijk niet om verwarringsgevaar in de zin van artikel 8, lid 1, onder b, UMVo, maar om de ruimere reputatiebescherming van artikel 8, lid 5, UMVo. Alleen voor “live animals, organisms for breeding” in klasse 31 had de kamer van beroep de oppositie al afgewezen; voor de overige waren in de klassen 29, 30, 31 en 32 bleef de oppositie dus overeind. Het Gerecht oordeelde bovendien dat het niet bevoegd is EUIPO op te dragen de oppositie opnieuw te onderzoeken. Voor de inhoudelijke beoordeling nam het Gerecht alleen het oudere merk PAUL depuis 1889 als uitgangspunt, omdat de reputatie van PAUL LE CAFE niet was aangetoond. Volgens het Gerecht heeft PAUL in het oudere merk een normaal onderscheidend vermogen, terwijl “freeze fresh” voor de betrokken levensmiddelen en dranken beschrijvend of niet-onderscheidend is en “pol’s” het meest onderscheidende element van het aangevraagde merk vormt.

IEFBE 4114

Uitnodiging: Oranjeborrel INTA – Londen

De INTA is niet compleet zonder de inmiddels legendarische Oranjeborrel. Dit jaar strijken we neer in de Marlborough Arms om bij te praten, te lachen, nieuwe connecties te leggen en oude verhalen op te halen. Gewoon zoals het hoort: in een goede pub, met een gevuld glas in de hand.

Datum: 2 mei
Tijd: 17:00 uur – 21:00 uur
Locatie: Marlborough Arms, 36 Torrington Place, Bloomsbury

Er is één vereiste voor toegang: een Nederlands paspoort.

Meld je aan via oranjeborrel@epc.nl. Neem je collega's mee? Geef dan bij de aanmelding door met hoeveel personen je komt.

Tot ziens bij de Oranjeborrel 2026!

EP&C, Patent Attorneys

Hendrik Jan Brookhuis
Christiaan Houben
Jordi Kox

IEFBE 4113

Consumentenrecht in de digitale sector op donderdag 2 april 2026

U kunt u nog maar enkele dagen aanmelden voor ons seminar Consumentenrecht in de digitale sector met vroegboekkorting. Op donderdag 2 april 2026 bespreken we samen met Jeroen Schouten en Michelle Seel (Pinsent Masons) de onderwerpen oneerlijke handelspraktijken en garantie bij Pinsent Masons, Amsterdam.

Tijdens deze middag kijkt Santiago Bustos Plass (Vinted) naar de regels omtrent oneerlijke handelspraktijken in de praktijk, bespreekt Tom Bouwman (Universiteit Leiden) de consequenties van oneerlijke handelspraktijken voor consumenten, retailers, e-tailers, platformen en influencers en gaat Martijn Poulus (The Data Lawyers) in op digital fairness.

Daarna spreekt Jeroen Schouten over garantie, de verschillende vormen en de grijze gebieden.

IEFBE 4111

VIVA: Gerecht bevestigt (deels) behoud van Uniemerk na vervallenverklaring wegens normaal gebruik

Gerecht EU - Tribunal UE 25 feb 2026, IEFBE 4111; ECLI:EU:T:2026:154 (Viva Credit IFN SA tegen EUIPO en Viva Wallet AE Symmetochon – Anaptyxis Logismikoy), https://ie-forum.be/artikelen/viva-gerecht-bevestigt-deels-behoud-van-uniemerk-na-vervallenverklaring-wegens-normaal-gebruik

Gerecht EU 25 februari 2026; IEF 23305; 4111; ECLI:EU:T:2026:154 (Viva Credit IFN SA tegen EUIPO en Viva Wallet AE Symmetochon – Anaptyxis Logismikoy). In deze zaak vraagt Viva Credit IFN SA om (gedeeltelijke) vernietiging/wijziging van een beslissing van de Vierde Kamer van Beroep van EUIPO in een vervallenverklaringsprocedure tegen het Uniemerk (beeldmerk) “Viva” van Viva Wallet. Viva Credit had vervallenverklaring gevorderd wegens niet-normaal gebruik (art. 58(1)(a) en (2) Verordening 2017/1001), waarna de Cancellation Division het merk grotendeels (deels) had laten vervallen voor een breed dienstenpakket in de klassen 35, 36, 38, 39, 41 en 42. In hoger beroep bij EUIPO bracht Viva Wallet aanvullend bewijs in; de Kamer van Beroep accepteerde dat bewijs en oordeelde dat het merk in de periode 6 april 2017 – 5 april 2022 normaal was gebruikt in de EU (met name Griekenland, maar ook o.a. Cyprus en **Roemenië) voor een reeks diensten, waaronder (kort gezegd) commerciële platform-/intermediairdiensten en e-payment brokerage (klasse 35), betalings- en financiële (ook deels niet-elektronische) diensten en ticketing-/boekingsbemiddeling (klasse 36), elektronische communicatiediensten die samenhangen met card payments en user authorisation (klasse 38), reis-/ticketdiensten en informatieverstrekking (klasse 39), reserverings-/boekingsdiensten inclusief e-tickets (klasse 41) en tijdelijke toegang tot online authenticatiesoftware (klasse 42). Viva Credit betoogde o.a. dat de motivering tekortschoot en dat het bewijs onvoldoende was voor plaats, omvang en aard van het gebruik.

IEFBE 4112

Afkomstig van www.AI-Forum.nl

Deepfakes als auteursrechtinbreuk? Europese Commissie fluit Deense AI-wet terug

Denemarken werkt, als eerste in Europa, aan een wijziging van zijn Auteurswet om burgers en uitvoerende kunstenaars beter te beschermen tegen AI-gegenereerde deepfakes. Het wetsvoorstel introduceert een verbodsrecht voor natuurlijke personen tegen het online beschikbaar stellen van realistische digitale imitaties van persoonlijke kenmerken en uitvoeringen, zoals stem, uiterlijk of bewegingen. Hiermee poogt Denemarken de opkomst van ongewenste deepfakes te bestrijden via het intellectueel eigendomsrecht. In een recente reactie heeft de Europese Commissie forse kanttekeningen geplaatst bij deze benadering, die ook relevant zijn voor het vergelijkbare wetgevingsinitiatief in Nederland.

IEFBE 4110

BRAMANI vs BRAHMA: verwarringsgevaar voor mode- en textielwaren

Gerecht EU - Tribunal UE 25 feb 2026, IEFBE 4110; ECLI:EU:T:2026:145 (PFP Monaco tegen EUIPO en Stanton SAS), https://ie-forum.be/artikelen/bramani-vs-brahma-verwarringsgevaar-voor-mode-en-textielwaren

Gerecht EU 25 februari 2026, IEF 23304; IEFbe 4110; ECLI:EU:T:2026:145 (PFP Monaco tegen EUIPO en Stanton SAS). PFP Monaco vroeg een Uniemerk aan voor het woordteken BRAMANI voor (onder meer) uitgebreide textielwaren (klasse 24) en kleding/schoenen/hoofdbedekkingen (klasse 25). Stanton SAS tekende oppositie aan op basis van het oudere Uniemerk BRAHMA, ingeschreven voor leer en imitatieleer (als zodanig) en lederwaren (klasse 18) en kleding/schoenen/hoofdbedekkingen (klasse 25). De Oppositieafdeling wees de aanvraag voor de betwiste waren gedeeltelijk af; het beroep bij de Kamer van Beroep faalde omdat zij verwarringsgevaar aannam, in elk geval voor het Spaanstalige deel van het publiek in de EU. PFP Monaco stelde daarop beroep in bij het Gerecht op grond van art. 263 VWEU en voerde één middel aan: schending van artikel 8(1)(b) Verordening 2017/1001 (verwarringsgevaar).

IEFBE 4089

Volg deLex op LinkedIn

Volg onze LinkedIn-pagina’s om volledig op de hoogte te blijven van alles wat binnen ons vakgebied én bij onze activiteiten speelt.

Via de LinkedIn-pagina Uitgeverij deLex blijft u op de hoogte van de belangrijkste ontwikkelingen op het gebied van IE-, IT- en privacyrecht. Via deze pagina ontvangt u vakinhoudelijke updates over onder meer IE-, IT-, privacy- en mediarecht, inclusief nieuws rond publicaties, jurisprudentie en relevante ontwikkelingen voor de praktijk.

Op de LinkedIn-pagina deLex Media informeren wij u over nieuwe en actuele cursussen en congressen, recente en aankomende publicaties, en overige vakinhoudelijke activiteiten die voor uw praktijk van belang kunnen zijn. Daarnaast bieden wij een professioneel overzicht van onze evenementen en initiatieven, met tijdige aankondigingen zodat u relevante opleidings- en netwerkgelegenheden niet mist.

Bezoek onze pagina’s en kies voor ‘Volgen’ om onze berichten rechtstreeks in uw tijdlijn te ontvangen en onderdeel te worden van ons netwerk.