DOSSIERS
Alle dossiers

Merkenrecht - Droit des marques  

IEFBE 4081

Benelux-merk EIFFEL ten onrechte doorgehaald: geen kwade trouw en geen misleiding

Benelux Gerechtshof - Cour Benelux 30 sep 2025, IEFBE 4081; C 2024/03 (Eiffel World tegen verweerster), https://ie-forum.be/artikelen/benelux-merk-eiffel-ten-onrechte-doorgehaald-geen-kwade-trouw-en-geen-misleiding

BenGH 26 november, IEF 23204; IEFbe 4081; C 2024/03 (Eiffel World tegen verweerster). Het Benelux-Gerechtshof vernietigt het besluit van het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom (BBIE) waarbij het Benelux-woordmerk EIFFEL van Eiffel World was doorgehaald wegens vermeende kwade trouw en misleiding. Het Hof stelt voorop dat kwade trouw bij merkaanvraag slechts kan worden aangenomen wanneer uit objectieve en samenhangende omstandigheden blijkt dat het merk is aangevraagd met een oneerlijk oogmerk, zoals het schaden van derden of het verkrijgen van een exclusief recht buiten de normale merkrechtelijke functies. Dat Eiffel World en haar bestuurder Philippe Coupérie-Eiffel bekend waren met de Association des descendants de Gustave Eiffel (ADGE) en eerdere geschillen over de naam Eiffel, is daarvoor onvoldoende. Naar Benelux-recht bestaat geen vereiste van voorafgaande toestemming van een familievereniging voor het deponeren van een achternaam als merk, en verplichtingen die Philippe Coupérie-Eiffel in het verleden jegens ADGE is aangegaan binden Eiffel World niet. Ook het gestelde niet-gebruik van het merk vormt op zichzelf geen bewijs van kwade trouw.

IEFBE 4074

V4 versus V4 Financial Partners: Gerecht bevestigt verwarringsgevaar ondanks zwakke onderscheidingskracht

Gerecht EU - Tribunal UE 10 dec 2025, IEFBE 4074; ECLI:EU:T:2025:1093 (V4 Holding, a.s. tegen EUIPO en V4 Financial Partners, SA), https://ie-forum.be/artikelen/v4-versus-v4-financial-partners-gerecht-bevestigt-verwarringsgevaar-ondanks-zwakke-onderscheidingskracht

Gerecht EU 10 december 2025, IEF 23186; IEFbe 4074; ECLI:EU:T:2025:1093 (V4 Holding, a.s. tegen EUIPO en V4 Financial Partners, SA). V4 Holding (Slowakije) vroeg EUIPO om het Uniemerk “V4 Financial Partners” (figuurmerk) ongeldig te verklaren. Volgens V4 Holding was er verwarringsgevaar met haar eerdere Slowaakse figuurmerk “V4” (voor diensten in klassen 35 en 36) en daarnaast met een niet-ingeschreven teken “V4” dat zij in Slowakije zou gebruiken. De Cancellation Division verklaarde het Uniemerk in 2022 volledig nietig op basis van art. 60(1)(a) jo. 8(1)(b) UMVo (relatieve nietigheidsgrond: verwarringsgevaar), en keek daarbij alleen naar het Slowaakse merk (proces-economie). V4 Financial Partners ging in beroep: de Board of Appeal gaf haar gelijk en verwees de zaak terug naar de Cancellation Division. V4 Holding stapte daarop naar het Gerecht. EUIPO wierp eerst nog op dat de advocaat van V4 Holding mogelijk niet onafhankelijk was (vermeende banden met de V4-groep), maar het Gerecht verwerpt dat: er is geen bewijs van een arbeidsrelatie of van banden die de onafhankelijkheid “manifest” aantasten.

IEFBE 4070

Gerecht EU: kans op verwarringsgevaar tussen "VAL --- ACRYL" en "Malacryl"

Gerecht EU - Tribunal UE 10 dec 2025, IEFBE 4070; ECLI:EU:T:2025:1097 (Cin Valentine tegen EUIPO, DAW SE), https://ie-forum.be/artikelen/gerecht-eu-kans-op-verwarringsgevaar-tussen-val-acryl-en-malacryl

Gerecht EU 10 december 2025, IEF 23178; IEFbe 4070; ECLI:EU:T:2025:1097 (Cin Valentine tegen EUIPO, DAW SE). Cin Valentine vordert in dit merkenrechtelijke geschil de vernietiging van een beslissing van de Kamer van Beroep van het EUIPO. Het gaat om een aanvraag voor het woordmerk “VAL --- ACRYL” voor waren in klasse 2 (verf). DAW SE had oppositie ingesteld op basis van haar oudere merk “Malacryl”, eveneens ingeschreven voor klasse 2. De Kamer van Beroep oordeelde dat er sprake is van verwarringsgevaar en wees de aanvraag af. 

IEFBE 4069

CEFA/EFFAS vs CFA: Gerecht bevestigt verwarringsgevaar en wijst beroep af

Gerecht EU - Tribunal UE 26 nov 2025, IEFBE 4069; ECLI:EU:T:2025:1067 (EFFAS tegen EUIPO en CFA), https://ie-forum.be/artikelen/cefa-effas-vs-cfa-gerecht-bevestigt-verwarringsgevaar-en-wijst-beroep-af

Gerecht EU 26 november 2025; IEF 23171; IEFbe 4069; ECLI:EU:T:2025:1067 (EFFAS tegen EUIPO en CFA). EFFAS vroeg een EU-beeldmerk aan met de woorden “CEFA EFFAS Certified European Financial Analyst” voor (o.a.) educatieve/publicatieproducten en opleidings- en examendiensten in klassen 9, 16 en 41. Het CFA Institute maakte oppositie op basis van het oudere EU-woordmerk “CFA” (met name voor klassen 16, 41 en 42). De Oppositieafdeling wees de aanvraag al deels af op grond van artikel 8(1)(b) EUTMR (verwarringsgevaar). In beroep oordeelde de Kamer van Beroep vervolgens dat er verwarringsgevaar bestaat, ten minste in Duitsland, voor vrijwel alle aangevraagde waren en diensten, behalve voor “stationery; writing instruments; writing materials” (klasse 16). EFFAS stapte daarna naar het Gerecht om die beslissing (voor het afgewezen deel) onderuit te halen.

IEFBE 4068

Hof van Justitie laat hoger beroep May OOO niet toe

Gerecht EU - Tribunal UE 11 nov 2025, IEFBE 4068; ECLI:EU:C:2025:869 (MAY OOO tegen Schweppes, EUIPO), https://ie-forum.be/artikelen/hof-van-justitie-laat-hoger-beroep-may-ooo-niet-toe

Gerecht EU 11 november 2025, IEF 23169; IEFbe 4068; ECLI:EU:C:2025:869 (MAY OOO tegen Schweppes, EUIPO). Met dit hoger beroep verzoekt MAY OOO om vernietiging van een arrest van het Gerecht [IEF 22567]. In die beslissing van het Gerecht werd een verzoek tot nietigverklaring van MAY OOO over de "MAY TEA" merken van Schweppes afgewezen. Volgens MAY OOO heeft het Gerecht onterecht geoordeeld dat er geen sprake was van verwarringsgevaar. May OOO verzoekt nu het Hof van Justitie derhalve om verduidelijking van de criteria voor de beoordeling van het verwarringsgevaar tussen twee merken die conceptueel identiek zijn maar visueel verschillen wegens het gebruik van verschillende alfabetten. 

IEFBE 4063

Gerecht: bewijs normaal gebruik merk ‘my own’ voldoende

Gerecht EU - Tribunal UE 12 nov 2025, IEFBE 4063; ECLI:EU:T:2025:1019 (Centex SpA tegen EUIPO en Adler Modemärkte GmbH), https://ie-forum.be/artikelen/gerecht-bewijs-normaal-gebruik-merk-my-own-voldoende

Gerecht EU 12 november 2025, IEF 23154; IEFbe 4063; ECLI:EU:T:2025:1019 (Centex SpA tegen EUIPO en Adler Modemärkte GmbH). Centex SpA diende in 2022 een aanvraag in voor het EU-beeldmerk OWN voor kleding (klasse 25). Adler Modemärkte stelde oppositie in op basis van het oudere Duitse woordmerk my own, eveneens voor kleding. De Oppositiedivisie wees de oppositie aanvankelijk af omdat normaal gebruik van het oudere merk niet zou zijn aangetoond. In hoger beroep oordeelde de Kamer van Beroep echter dat wél voldoende bewijs bestond voor gebruik van my own voor “outerwear for women” in klasse 25 en verwees de zaak terug naar de Oppositiedivisie voor verdere inhoudelijke beoordeling van de oppositie. Centex vocht die beslissing aan bij het Gerecht, met name omdat de Kamer van Beroep nieuw bewijs (extra website-screenshots) had toegelaten en volgens Centex het gebruik nog steeds niet genoeg was onderbouwd.

IEFBE 4062

Verwarringsgevaar tussen SILOG en Si Log International bevestigd

Gerecht EU - Tribunal UE 26 nov 2025, IEFBE 4062; ECLI:EU:T:2025:1070 (SiLog GmbH tegen EUIPO en Silog SAS), https://ie-forum.be/artikelen/verwarringsgevaar-tussen-silog-en-si-log-international-bevestigd

Gerecht EU 26 november 2025, IEF 23152; IEFbe 4062; ECLI:EU:T:2025:1070 (SiLog GmbH tegen EUIPO en Silog SAS). Het Gerecht van de EU laat de nietigverklaring in stand van het Uniewoord-/beeldmerk Si Log International voor “transport of goods” (klasse 39), op verzoek van de Franse houder van het oudere woordmerk SILOG voor onder meer “leasing of utility vehicles” (klasse 36). De Kamer van Beroep had geoordeeld dat er ten minste een lage mate van overeenstemming is tussen de diensten (beide gericht op het vervoeren van goederen: ófwel via een eigen geleasede bestel- of vrachtwagen, óf via een vervoerder), dat ze zich tot hetzelfde professionele publiek in Frankrijk richten en elkaar functioneel kunnen vervangen. Dat die diensten in verschillende klassen zijn ingedeeld en contractueel iets anders zijn ingericht (huur van een voertuig vs. transportdienst) doet daar volgens het Gerecht niet aan af. Visueel zijn SILOG en het dominante element Si Log gemiddeld overeenstemmend (zelfde letters in dezelfde volgorde, slechts een spatie en wat grafische elementen erbij), fonetisch zelfs identiek of sterk overeenstemmend; begripsmatig blijft de vergelijking neutraal, omdat “silog” en “si log” in het Frans geen vaste betekenis hebben. Het element “international” en de sterren/kleuren in het beeldmerk worden gezien als bijkomstig en weinig onderscheidend. Het oudere merk SILOG heeft normale onderscheidingskracht. In samenhang leidt dat, ondanks een hoog aandachtsniveau van professionele afnemers, tot een reëel likelihood of confusion in Frankrijk in de zin van art. 8 lid 1 onder b UMVo, zodat de nietigverklaring op grond van art. 60 lid 1 onder a UMVo in stand blijft.

IEFBE 4061

EU-Gerecht: WASHTOWER-merk beschrijvend en daarom ongeldig

Gerecht EU - Tribunal UE 12 nov 2025, IEFBE 4061; ECLI:EU:T:2025:1016 (LG Electronics, Inc. tegen EUIPO en Washtower IP BV), https://ie-forum.be/artikelen/eu-gerecht-washtower-merk-beschrijvend-en-daarom-ongeldig

Gerecht EU 12 november 2025, IEF 23151; IEFbe 4061; ECLI:EU:T:2025:1016 (LG Electronics, Inc. tegen EUIPO en Washtower IP BV). Het Gerecht van de EU vernietigt de beslissing van de Kamer van Beroep van het EUIPO over het Uniemerk WASHTOWER, een beeldmerk voor “meubels, namelijk kasten voor wasmachines of wasdrogers” in klasse 20. LG Electronics had nietigheidsactie ingesteld en voerde aan dat het teken beschrijvend en niet onderscheidend is. De Kamer van Beroep had wel erkend dat het woordelement “washtower” beschrijvend is (“wash” voor wasapparaten en “tower” voor de torenvormige opstelling), maar vond dat het figuratieve element, een soort wapenschild met diverse decoratieve elementen, de beschrijvendheid zou doorbreken en het merk als geheel onderscheidend maakte. Het Gerecht sluit zich aan bij de analyse dat voor de Engelstalige consument (o.a. in Ierland en Malta) “washtower” direct verwijst naar soort, vorm en bestemming van de kasten, zodat het woordelement op zichzelf duidelijk onder artikel 7 lid 1 onder c UMVo valt.

IEFBE 4060

Verwarringsgevaar tussen DALL en DALLI voor schoonmaak- en cosmeticaproducten

Gerecht EU - Tribunal UE 26 nov 2025, IEFBE 4060; ECLI:EU:T:2025:1064 (Lavrentios Lavrentiadis tegen EUIPO en Dalli-Werke GmbH & Co. KG), https://ie-forum.be/artikelen/verwarringsgevaar-tussen-dall-en-dalli-voor-schoonmaak-en-cosmeticaproducten

Gerecht EU 26 november 2025; IEF 23150; IEFbe 4060; ECLI:EU:T:2025:1064 (Lavrentios Lavrentiadis tegen EUIPO en Dalli-Werke GmbH & Co. KG). Het Gerecht van de EU bevestigt de beslissing van de Kamer van Beroep van het EUIPO dat het aangevraagde Uniewoordmerk DALL niet kan worden ingeschreven voor waren in klasse 3 (schoonmaakmiddelen, wasmiddelen, cosmetica, parfums e.d.), vanwege verwarringsgevaar met het oudere Uniewoordmerk DALLI van Dalli-Werke. Alle aangevraagde waren in klasse 3 vallen volgens het Gerecht binnen de ruime, maar nog steeds voldoende duidelijke categorieën van het oudere merk (“cleaning preparations”, “polishing preparations”, “abrasive preparations”, “non-medicated cosmetics” enz.), zodat de waren als identiek of in elk geval soortgelijk worden beschouwd. Dat de producten van de aanvragen in Griekenland en die van Dalli in Duitsland zouden worden geproduceerd, verandert niets: bij de beoordeling telt de warenomschrijving in het register, niet de feitelijke herkomst, en consumenten oriënteren zich primair op merken en niet op de verplichte herkomstinformatie of productcategorie-codes op etiketten. Ook de klacht dat de warenomschrijvingen van DALLI te vaag zouden zijn en in strijd met artikel 33 UMVo wordt verworpen; de gebruikte algemene termen zijn volgens het Gerecht voldoende duidelijk en precies en mogen ruim worden uitgelegd binnen hun letterlijke betekenis.

IEFBE 4064

Gerecht: horlogelogo’s ZÜNDAPP en LONGINES maar beperkt vergelijkbaar

Gerecht EU - Tribunal UE 19 nov 2025, IEFBE 4064; ECLI:EU:T:2025:1052 (Zündapp Verwaltungsgesellschaft mbH tegen EUIPO en Compagnie des Montres Longines, Francillon SA), https://ie-forum.be/artikelen/gerecht-horlogelogo-s-zundapp-en-longines-maar-beperkt-vergelijkbaar

Gerecht EU 19 november 2025, IEF 23155; IEFbe 4064; ECLI:EU:T:2025:1052 (Zündapp Verwaltungsgesellschaft mbH tegen EUIPO en Compagnie des Montres Longines, Francillon SA). Zündapp vroeg inschrijving van een EU-beeldmerk voor horloges en uurwerken (Class 14), bestaande uit een gestileerd schild met horizontale balken. Longines verzette zich op basis van haar eerder internationaal ingeschreven beeldmerk met twee uitgestrekte vleugels rond een rechthoek, eveneens voor uurwerken en juwelierswaren. De Oppositiedivisie wees de inschrijving af wegens verwarringsgevaar (art. 8 lid 1 sub b UMVo) en nam alleen een normale (niet-versterkte) onderscheidingskracht van het Longines-merk aan. De Kamer van Beroep draaide dat om: zij oordeelde dat er géén verwarringsgevaar was bij louter normale onderscheidingskracht en verwees de zaak terug om (i) de eventueel door gebruik versterkte onderscheidingskracht van het Longines-merk te onderzoeken én (ii) het beroep op art. 8 lid 5 UMVo (bescherming van een merk met reputatie) te behandelen.