DOSSIERS
Alle dossiers

Merkenrecht - Droit des marques  

IEFBE 3009

Verwarringsgevaar woordmerk Alliance voor eieren en melk

Benelux Gerechtshof - Cour Benelux 12 nov 2019, IEFBE 3009; (Alliance tegen SinoVita), https://ie-forum.be/artikelen/verwarringsgevaar-woordmerk-alliance-voor-eieren-en-melk

Benelux Gerechtshof 12 november 2019, IEF 18901, IEFbe 3009; C 2018/5/9 (Alliance tegen SinoVita) Op 25 november 2016 deponeert SinoVita bij het Bureau het Benelux-woordmerk "Alliance" voor o.a. voedingsmiddelen voor medisch gebruik, eieren, melk en melkproducten. Op 31 januari 2017 stelt Alliance oppositie in tegen deze aanvraag. De oppositie is gebaseerd op het volgende oudere recht: het Unie-woordmerk "Alliance" dat op 28 augustus 2012 bij de EUIPO werd ingediend en op 24 januari 2013 werd ingeschreven voor waren van de klassen 29 en 30 (volgens de classificatie van Nice) als vleeswaren en vleespasteien. Het Bureau oordeelt dat de betrokken waren niet soortgelijk zijn, zodat er geen verwarringsgevaar is, ook al zijn de tekens identiek. Het Benelux-Gerechtshof vernietigt deze uitspraak gedeeltelijk. De inschrijving van Benelux-depot nr. 1343637 van het woordmerk "Alliance" wordt geweigerd voor o.m. de waren eieren, melk en melkproducten. Er is sprake van een geringe soortgelijkheid van de waren. Eieren en vlees hebben dezelfde aard (voedingswaarden) en dezelfde herkomst (dieren). Er is verwarringsgevaar, er is geen enkel stuk voorgelegd  waarvan aan Alliance een sterk eigen vermogen kan worden toegekend.

IEFBE 3002

HvJ EU: geen bescherming voor niet-geografische bestanddelen Balsamico

HvJ EU - CJUE 4 dec 2019, IEFBE 3002; ECLI:EU:C:2019:1045 (Aceto Balsamico di Modena tegen Balema), https://ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-geen-bescherming-voor-niet-geografische-bestanddelen-balsamico

HvJ EU 4 december 2019, IEF 18866, IEFbe 3002; ECLI:EU:C:2019:1045 (Aceto Balsamico di Modena tegen Balema) Het Consorzio Tutela Aceto Balsamico di Modena – een vereniging van producenten van producten met de benaming „Aceto Balsamico di Modena (BGA)” – heeft het Duitse vennootschap Balema verzocht om de term „balsamico” niet langer te gebruiken [IEF 18035]. Vastgesteld wordt nu dat de bescherming van de benaming „Aceto Balsamico di Modena” zich niet uitstrekt tot het gebruik van de afzonderlijke nietgeografische bestanddelen ervan. De registratie van de betrokken BGA en de daaruit voortvloeiende bescherming hebben betrekking op de benaming „Aceto Balsamico di Modena” in haar geheel, aangezien het deze benaming is die onmiskenbaar naamsbekendheid heeft verworven op de nationale en internationale markt.

IEFBE 2999

Nietigverklaring wegens verwarringsgevaar 'mediflor' en 'floramed' gerechtvaardigd

Gerecht EU - Tribunal UE 20 nov 2019, IEFBE 2999; ECLI:EU:T:2019:794 (Werner tegen EUIPO), https://ie-forum.be/artikelen/nietigverklaring-wegens-verwarringsgevaar-mediflor-en-floramed-gerechtvaardigd

Gerecht EU 20 november 2019, IEF 18855, IEFbe 2999; ECLI:EU:T:2019:794 (Werner tegen EUIPO) Scheffler heeft bij het EUIPO het beeldmerk 'Floramed', geschreven in lichtblauwe letters, laten inschrijven. Merck heeft als interveniënte een verzoek tot vernietiging van de merkinschrijving ingesteld, vanwege het woordmerk 'Mediflor' dat was ingeschreven voor dezelfde waren als het litigieuze beeldmerk. Ondertussen is het beeldmerk overgedragen aan eiser, de heer Werner, en is die overdracht ingeschreven in het EU-merkenregister. Vervolgens willigde de nietigheidsafdeling van het EUIPO het verzoek van Merck tot nietigverklaring in op grond dat er verwarringsgevaar tussen de twee merken zou bestaan. Werner heeft hiertegen beroep ingesteld. Bij beschikking heeft het EUIPO dit beroep afgewezen. In de onderhavige zaak is getoetst of er daadwerkelijk, zoals het EUIPO heeft betoogd, verwarringsgevaar bestaat. Het oordeel komt op het volgende neer: (i) het relevante publiek bestaat uit de gemiddelde consumenten en vakmannen, (ii) de twee producten (floramed en mediflor) zijn deels identiek en deels soortgelijk, onder andere gezien het feit dat de twee producten door dezelfde onderneming worden geproduceerd, op dezelfde manier worden gedistribueerd, tot dezelfde groep consumenten zijn gericht en hetzelfde doel dienen of elkaar aanvullen. Wat de visuele en auditieve kenmerken van de tekens betreft, komt het EUIPO tot de conclusie dat de begrippen 'med' en 'medi' dichter bij elkaar lijken te liggen dan 'flor' en 'flora'. Dit maakt echter niet uit omdat de tegenoverstaande tekens uit dezelfde elementen bestaan, te weten med/medi en flor/flora.

IEFBE 2988

Heroeping inzake afgewezen beroep nietigverklaring merk is geldig

HvJ EU - CJUE 31 okt 2019, IEFBE 2988; ECLI:EU:C:2019:916 (Repower tegen EUIPO/repowermap.org), https://ie-forum.be/artikelen/heroeping-inzake-afgewezen-beroep-nietigverklaring-merk-is-geldig

HvJ EU 31 oktober 2019, IEF 18815, IEFbe 2988; ECLI:EU:C:2019:916 (Repower tegen EUIPO/repowermap.org) Repower heeft het woordmerk “Repower“ laten inschrijven bij het EUIPO. Vervolgens heeft repowermap.org als interveniënte een vordering tot nietigverklaring van het litigieuze merk ingesteld. Volgens interveniënte mist het merk onderscheidend vermogen voor alle door dit merk aangeduide waren en diensten. Het EUIPO wijst de vordering toe. Beroep tegen de nietigverklaring wordt afgewezen. Vervolgens heeft het EUIPO het besluit tot afwijzing van het beroep herroepen wegens ontoereikende motivering. De kamer van beroep beoogde daarmee om het onderscheidend vermogen van het litigieuze merk nog een keer te analyseren. Vervolgens is tegen deze herroeping is door Repower beroep ingesteld bij het Gerecht. Dit beroep is in eerste aanleg in zijn geheel verworpen, omdat aan de voorwaarden van de toepassing van het algemene rechtsbeginsel dat de intrekking van onrechtmatige bestuurshandelingen toestaat, was voldaan. De vergissing van de kamer van beroep bij de keuze van de rechtsgrondslag rechtvaardigde de vernietiging van de litigieuze beslissing niet. In het onderhavige geschil is hoger beroep ingesteld tegen de genoemde uitspraak van het Gerecht. Repower is in deze zaak in het ongelijk gesteld. Volgens het Hof is het besluit tot afwijzing namelijk geldig herroepen.

IEFBE 2983

Prejudiciële vragen: is artistieke vrijheid een geldige reden?

Benelux Gerechtshof - Cour Benelux 14 okt 2019, IEFBE 2983; (Hennessy tegen Cedric Art), https://ie-forum.be/artikelen/prejudici-le-vragen-is-artistieke-vrijheid-een-geldige-reden

Benelux Gerechtshof 14 oktober 2019, IEF 18795, IEFbe 2983; A 2018/1/8 (Hennessy tegen Cedric Art) Hennessy houdt zich wereldwijd bezig met het produceren en verhandelen van champagnewijnen, waaronder de Dom Pérignon. De fles kenmerkt zich door een lange hals met een schildvormig etiket met daarop de naam Dom Pérignon. Voor deze vormgeving deed Hennessy destijds een beroep op kunstenaar Andy Warhol. Hennessy is houdster van de merkrechten betreffende deze vormgeving. Cédric Peers is kunstenaar en verkent in zijn werken de grenzen tussen marketing en kunst. In zijn schilderijen zijn de Don Pérignon-merken duidelijk identificeerbaar of er is sprake van speelse variaties op deze merken, waarbij de werken een ironiserende en soms ook erotische inslag hebben.

IEFBE 2981

Prejudiciële vragen over termijn bij vervallenverklaring Uniemerk

HvJ EU - CJUE 6 jun 2019, IEFBE 2981; (Husqvarna tegen Lidl E-Commerce), https://ie-forum.be/artikelen/prejudici-le-vragen-over-termijn-bij-vervallenverklaring-uniemerk

HvJ EU 6 juni 2019, IEF 18791, IEFbe 2981; C-607/19 (Husqvarna tegen Lidl E-Commerce) Via MinBuza Husqvarna produceert gereedschappen voor tuinonderhoud. Zij is houdster van het merk dat in de kleuren oranje-grijs-lichtgrijs is aangevraagd voor de waar ´Bewässerungsspritze´. Het door Husqvarna verkochte sproeitoestel komt overeen met het litigieuze merk. Verweerster, een vennootschap van het Lidl-concern, bood in haar online-winkel een spiraalslang-set aan. Husqvarna beweert dat hierdoor inbreuk is gemaakt op haar merkrecht en heeft staking, alsmede schadevergoeding en vergoeding van de aanmaningskosten, gevorderd. Verweerster heeft daarentegen in reconventie doorhaling van het litigieuze merk geëist omdat het merk volgens haar is vervallen doordat het minmaal vijf jaar niet is gebruikt. Nadat de vorderingen van Husqvarna in hoger beroep werden afgewezen en de reconventionele vorderingen werden toegewezen, is een procedure bij de Duitse Bundesgerichtshof gestart. Deze verwijzende rechter wenst nog meer duidelijk over de uitleg en betekenis van het Unierecht in deze zaak ten aanzien van de berekening van het termijn voor vervallenverklaring van het merk, alsmede de vraag wat het doorslaggevende tijdstip is.

IEFBE 2978

Geen merkenrecht puzzelkubus op grond van technisch doel

HvJ EU - CJUE 24 okt 2019, IEFBE 2978; ECLI:EU:T:2019:765 (Rubik's Brand tegen EUIPO), https://ie-forum.be/artikelen/geen-merkenrecht-puzzelkubus-op-grond-van-technisch-doel

Gerecht EU 24 oktober 2019, IEF 18785, IEFbe 2978; ECLI:EU:T:2019:765 (Rubik's Brand tegen EUIPO) Na een verwerping van een verzoek tot nietigverklaring van de merkinschrijving van de Rubik's kubus en verwerping door het Hof, heeft het Gerecht de twee beschikkingen opgeheven, omdat ook de kenmerken die van buiten niet zichtbaar zijn in aanmerking hadden moeten worden genomen bij de beantwoording van de vraag of de inschrijving op grond van de technische functionaliteit moet worden afgewezen. Het EUIPO kwam in een nieuwe beslissing tot de conclusie dat de vorm niet als Uniemerk had mogen worden ingeschreven, omdat elk van de essentiële kenmerken van de vorm noodzakelijk zijn om het technisch effect te verwezenlijken. Het technische effect wordt bereikt doordat de rijen met kleine, verschillend gekleurde dobbelstenen, welke samen een grote dobbelsteen vormen, verticaal en horizontaal kunnen worden gedraaid totdat elke kant van de grote dubbelsteen dezelfde kleur heeft. Het bestreden merk is daarmee in strijd met Unierecht, omdat de essentiële kenmerken allemaal een technische functie dienen. Het Gerecht heeft dat in deze zaak bevestigd en geoordeeld dat het doel van het spel inhoudt een driedimensionale puzzel in vorm van een dubbelsteen met verschillend gekleurde kanten weer te reproduceren. Dit doel word gefaciliteerd door de technische kenmerken.

IEFBE 2976

Uitspraak ingezonden door Michaël De Vroey, BakerMcKenzie.

Merkinbreuk door gebruik tekens zonder toestemming

Brussel - Bruxelles(Fr./Nl.) 26 sep 2019, IEFBE 2976; (Traxxas tegen JSP), https://ie-forum.be/artikelen/merkinbreuk-door-gebruik-tekens-zonder-toestemming

Nederlandstalige ondernemingsrechtbank Brussel 26 september 2019, IEFbe 2976; (Traxxas tegen JSP) Traxxas is een Amerikaanse producent die radiogeleide of telegeleide voertuigen en accessoires, zoals elektrische connectoren, aanbiedt. JSP houdt zich bezig met de verdeling van radiografisch gestuurd modelspeelgoed in Europa. Zij verdeelt verschillende merkproducten in de sector van telegeleide modelbouw in de Benelux en daarbuiten. JSP verdeelde verschillende producten die zij aan had gekocht bij Traxxas in het kader van een mondelinge, niet-exclusieve distributieovereenkomst van onbepaalde duur. Er is een geschil ontstaan over de beëindiging van die distributierelatie door Traxxas en de intellectuele eigendomsrechten van partijen. Traxxas is houdster van verschillende internationale merken, waaronder het woord- en beeldmerk TRX4, en van een octrooi voor een 'Elektrisch verbindingssamenstel'. Traxxas verwijt JSP o.a. merkinbreuk te plegen door zonder haar toestemming originele Traxxas connectoren te verhandelen met het opschrift 'TRX'. Wat de merkinbreuk betreft is niet bewezen geacht dat Traxxas afstand zou hebben gedaan om zich tegen het gebruik van haar merken door JSP te verzetten. Wat de modellen betreft, is onvoldoende gebleken of de connectoren bij normaal gebruik zichtbaar blijven wanneer zij verwerkt zijn in een modelauto en of er andere zichtbare kenmerken zijn die aan de voorwaarden inzake nieuwheid en een eigen karakter voldoen. Omdat de merkinbreuk een onrechtmatig voordeel voor JSP kan opleveren, is tevens sprake van misleidende handelspraktijken.

IEFBE 2973

Uitspraak ingezonden door Camille Janssen, Benelux Office for Intellectual Property

Benelux-Gerechtshof bevestigt weigering BOIP in eerste beroepszaak

Benelux Gerechtshof - Cour Benelux 18 okt 2019, IEFBE 2973; (Bimbo tegen BOIP), https://ie-forum.be/artikelen/benelux-gerechtshof-bevestigt-weigering-boip-in-eerste-beroepszaak

Benelux Gerechtshof 18 oktober 2019, IEF 18777, IEFbe 2973; C 2018/7 (Grupo Bimbo tegen BOIP) Merkenrecht. Grupo Bimbo heeft een Benelux aanvraag ingediend voor het woordmerk THINS voor diverse voedingsmiddelen in de klassen 29 en 30. Deze aanvraag is door het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom (BOIP) gedeeltelijk geweigerd, omdat het een courante aanduiding is die beschrijvend is voor voedingsmiddelen die in een dunne variant op de markt (kunnen) worden gebracht. Grupo Bimbo heeft beroep ingesteld tegen de definitieve gedeeltelijke weigering van BOIP. Het is daarmee de allereerste beroepszaak tegen een beslissing tot weigering op absolute gronden sinds de instelling van het BenGH als beroepsinstantie in eerste aanleg. Het BenGH verwerpt het beroep en bevestigt de beslissing van BOIP.

IEFBE 2971

HvJ EU: Red Bull opnieuw in ongelijk gesteld

HvJ EU - CJUE 29 jul 2019, IEFBE 2971; ECLI:C:2019:641 (Red Bull tegen EUIPO/ Marques/ Optimum Mark), https://ie-forum.be/artikelen/hvj-eu-red-bull-opnieuw-in-ongelijk-gesteld

HvJ EU 29 juli 2019, IEF 18766, IEFbe 2971; ECLI:C:2019:641 (Red Bull tegen EUIPO/ Marques/ Optimum Mark) Red Bull heeft een merkaanvraag ingediend voor de combinatie van twee kleuren voor de energiedranken van Red Bull. De aangevraagde bescherming betreft de kleuren blauw en zilver, waarbij de verhouding ongeveer 50/50 bedraagt. De merken zijn, nadat ze op grond van het door het gebruik ontstaan onderscheidend vermogen werden ingeschreven, op 9 oktober 2013 nietig verklaard door de nietigheidsafdeling van het EUIPO en op verzoek van Optimum Mark. Red Bull heeft hiertegen beroep ingesteld bij de kamer van beroep van het EUIPO. Volgens de kamer van beroep voldeed de grafische voorstelling van de litigieuze merken niet aan de vereisten van nauwkeurigheid en duurzaamheid. De litigieuze merken lieten immers de schikking van twee kleuren volgens tal van verschillende combinaties, met een zeer verschillende totaalindruk, toe. Het Gerecht EU oordeelde dat de kleurenmerkcombinatie van Red Bull nietig is nu het tal van verschillende combinaties toelaat [IEF 17315, IEFbe 2415]. Red Bull wordt opnieuw in het ongelijk gesteld. De eerste vier middelen in hogere voorziening zijn afgewezen: i) schending van de beginselen van gelijke behandeling en evenredigheid in de context van artikel 4 en artikel 7, lid 1, onder a), van verordening nr. 207/2009; ii) schending van artikel 4 en artikel 7, lid 1, onder a), van verordening nr. 207/2009; iii) schending van het vertrouwensbeginsel; iiii) schending van het evenredigheidsbeginsel. Het vijfde middel  -  schending van artikel 134, lid 1, en artikel 135 van het Reglement voor de procesvoering van het Gerecht - wordt niet-ontvankelijk verklaard.