28 jan 2026
Kopieer citeerwijze ||
Land Oberösterreich (Oostenrijk) tegen EUIPO en Norma Lebensmittelfilialbetrieb Stiftung & Co. KG
Gerecht bevestigt normaal gebruik van het woordmerk Genussländer voor kaas
Gerecht EU 28 januari 2026, IEF 23355; IEFbe 4132; ECLI:EU:T:2026:49 (Land Oberösterreich (Oostenrijk) tegen EUIPO Norma Lebensmittelfilialbetrieb Stiftung & Co. KG). In dit arrest staat een vervallenverklaringsprocedure centraal tegen het Uniewoordmerk Genussländer, dat onder meer was ingeschreven voor kaas in klasse 29. Land Oberösterreich had vervallenverklaring gevorderd op grond van art. 58 lid 1, onder a, UMVo wegens gebrek aan normaal gebruik. De annuleringsafdeling had het merk voor alle betrokken waren vervallen verklaard, behalve voor kaas, en de Kamer van Beroep had dat oordeel bevestigd. Voor het Gerecht voerde verzoeker aan dat Genussländer niet als merk, maar als aanduiding van een kaassoort werd gebruikt, en dat bovendien onvoldoende bewijs van normaal gebruik was geleverd. Het Gerecht verwerpt dat betoog. Het stelt voorop dat een ingeschreven merk ten minste een minimum aan onderscheidend vermogen heeft en daarom niet zonder meer als soortaanduiding kan worden aangemerkt. Uit de overgelegde etiketten en verpakkingen blijkt volgens het Gerecht dat Genussländer daadwerkelijk als merk is gebruikt. Dat het teken op de verpakking samen voorkwam met Leckerrom, doet daaraan niet af: het relevante publiek zal die tekens opvatten als naast elkaar gebruikte, zelfstandige tekens, waarbij Genussländer eventueel als ondermerk fungeert. Ook de aanvullende afbeeldingen en beschrijvende vermeldingen op de verpakking tasten het onderscheidend vermogen van het ingeschreven merk niet aan. Daarmee is voldaan aan art. 18 lid 1, onder a, UMVo: het merk is gebruikt in een vorm die slechts afwijkt zonder dat het onderscheidend vermogen wordt gewijzigd.
Ook het oordeel dat sprake is van normaal gebruik houdt stand. De Kamer van Beroep mocht volgens het Gerecht een plechtige schriftelijke verklaring van een werknemer van Norma als bewijsmiddel aanvaarden. Omdat zo’n verklaring van een met de merkhouder verbonden persoon op zichzelf beperkte bewijskracht heeft, moest zij worden ondersteund door ander bewijs, en dat was hier het geval. De verklaring werd bevestigd door reclamefolders uit Duitsland en Oostenrijk over de relevante periode 25 juli 2017 tot en met 24 juli 2022, door etiketten en verpakkingen van de betrokken kaas en door 24 facturen waaruit bleek dat Norma regelmatig aanzienlijke hoeveelheden kaas met de benaming Genussländer had ingekocht bij een Oostenrijkse leverancier. Daarnaast had verzoeker zelf foto’s overgelegd waaruit bleek dat in juni en juli 2022 in Oostenrijk kaas onder het merk Genussländer te koop werd aangeboden. Samen leveren die stukken voldoende concreet en objectief bewijs op van openbaar en commercieel gebruik van het merk voor kaas in Duitsland en Oostenrijk. Het Gerecht bevestigt daarom dat het merk voor kaas normaal is gebruikt en wijst het beroep af. Land Oberösterreich wordt veroordeeld in zijn eigen kosten en in die van Norma; het EUIPO draagt zijn eigen kosten.
36 Allereerst verschijnt het betwiste merk ongewijzigd op de etiketten en verpakkingen, zoals in wezen ook door de Raad van Beroep in punt 46 van de bestreden uitspraak is vastgesteld.
37 Vervolgens zijn de extra elementen die op de genoemde etiketten voorkomen – bestaande uit de afbeelding van een kaas of uit aanduidingen met betrekking tot de smaak of andere kenmerken van het product – puur beschrijvend voor het in de handel gebrachte product, zoals de Raad van Beroep in wezen benadrukte in punt 47 van de bestreden uitspraak.
38 Ten slotte, indien het, overeenkomstig de gevestigde jurisprudentie, bij gelijktijdig gebruik van meerdere tekens noodzakelijk is om, met het oog op de toepassing van artikel 18, lid 1, onder a), van Verordening 2017/1001, te waarborgen dat een dergelijk gebruik het onderscheidend karakter van het geregistreerde teken niet aantast, met name gelet op de handelspraktijken in de sector [zie arrest van 19 oktober 2022, Castel Frères tegen EUIPO – Shanghai Panati (Weergave van Chinese karakters), T-323/21, niet gepubliceerd, EU:T:2022:650, punt 18 en de aangehaalde jurisprudentie], dan heeft de Raad van Beroep terecht geoordeeld dat de tekens Leckerrom en Genussländer op de verpakking met name wat betreft hun positie van elkaar verschillen. In het bijzonder verandert de plaatsing van de term "Leckerrom" bovenaan de verpakking en de perceptie ervan als merk door het relevante publiek op geen enkele wijze de onderscheidende kenmerken van het element "Genussländer", dat kan worden gezien als een submerk van het merk Leckerrom dat wordt gebruikt in verband met "kaas".
39 Deze conclusie wordt niet ontkracht door het argument van de aanvrager dat hij tijdens de procedure voor het EUIPO bewijs heeft geleverd waaruit blijkt dat er een gestandaardiseerde praktijk bestaat voor de presentatie van de etiketten en verpakkingen van de kazen die door de tussenkomende partij op de markt worden gebracht. Deze praktijk zou het relevante publiek ertoe brengen te denken dat de term "Genussländer" verwijst naar een kaassoort, zoals bijvoorbeeld Emmentaler of Edam, aangezien deze kaassoorten op een identieke manier worden gepresenteerd als producten met de term "Genussländer" op hun verpakking en vaak naast elkaar worden verkocht. In dit verband volstaat het op te merken dat de boodschap van het betwiste handelsmerk, namelijk de verwijzing naar een "land van geneugten", de consument, althans een Duitstalige, belet om het te interpreteren als een verwijzing naar een kaassoort, vanwege de presentatie in combinatie met andere kaasproducten die onder het merk Leckerrom op de markt worden gebracht.
40 Bovendien laat de door de aanvrager aangevoerde omstandigheid, namelijk dat het symbool “®” op de etiketten en verpakkingen alleen in verband wordt gebracht met de term “Leckerrom”, niet de conclusie toe dat het relevante publiek die term op zichzelf als een handelsmerk zal beschouwen. In dit verband volstaat het erop te wijzen dat, afgezien van de beperkte invloed van de aanwezigheid of afwezigheid van dat symbool op de perceptie van een teken door het relevante publiek [zie in dit verband het arrest van 14 februari 2017, Pandalis tegen EUIPO – LR Health & Beauty Systems (Cystus), T-15/16, niet gepubliceerd, EU:T:2017:75, punt 44 en de daarin aangehaalde jurisprudentie], het nauwelijks waarneembaar is in het Leckerrom-teken en nog minder op de als bewijs ingediende etiketten en verpakkingen.
41 Het is daarom gepast om het eerste onderdeel van het verweer te verwerpen.