Gepubliceerd op woensdag 30 augustus 2017
IEFBE 2331
HvJ EU - CJUE ||
14 jun 2017
HvJ EU - CJUE 14 jun 2017, IEFBE 2331; (Walbusch tegen Zentrale zur Bekämpfung umlauteren Wettbewerbs), https://ie-forum.be/artikelen/vragen-aan-hvj-eu-over-beroep-op-de-minder-strenge-informatievereisten-bij-beperkte-weergavemogelijk

Vragen aan HvJ EU over beroep op de minder strenge informatievereisten bij beperkte weergavemogelijkheid

Prejudiciële vragen gesteld aan HvJ EU 14 juni 2017, IEFbe 2331; IT 2343; C-430/17 (Walbusch tegen Zentrale zur Bekämpfung unlauteren Wettbewerbs) Via Minbuza: Consumentenbescherming. Verweerder (Walbusch Walter Busch GmbH & Co) verspreidde in 2014 als bijlage bij verschillende tijdschriften en kranten een uitvouwbare reclamefolder inclusief bestelformulier. Op de voor- en achterkant van de bestelkaart werd gewezen op het wettelijke herroepingsrecht. Het internetadres van verweerder was tevens aangegeven. Op de website van de verweerder kon men via de link “Algemene voorwaarden” de instructies voor herroeping alsmede het modelformulier voor herroeping raadplegen. Verzoeker (Zentrale zur Bekämpfung unlauteren Wettbewerbs) voert aan dat de reclamefolder van verweerder oneerlijk is omdat de instructies voor herroeping in de voorgeschreven vorm ontbraken en het modelformulier voor herroeping niet was bijgevoegd. Na een vergeefse aanmaning heeft verzoekster een vordering tot staking en tot vergoeding van precontentieuze aanmaningskosten ten bedrage van €246,10 vermeerderd met rente ingesteld. Het Landgericht heeft de vordering toegewezen. De appelrechter heeft deze beslissing deels gewijzigd (de veroordeling van verweerder tot vergoeding van de aanmaningskosten werd bevestigd). Met beroep in “Revision” verzoekt verweerder om afwijzing van de vordering in haar geheel, verzoeker verzoekt om afwijzing van het beroep in “Revision”. 

Hier is van belang of verweerder zich met succes kan beroepen op de minder strenge informatievereisten bij beperkte weergavemogelijkheid overeenkomstig de BGB (Duits Burgerlijk Wetboek), EGBGB (Duitse wet tot invoering van het Burgerlijk Wetboek) en richtlijn 2011/83. Het antwoord op de vraag of de minder strenge informatievereisten hier gelden, hangt af van de uitlegging van artikel 8 lid 4 eerste zin, en artikel 6 lid 1 (h) van richtlijn 2011/83/EU. De vraag rijst evenwel of een zo uitgebreide informatieplicht over het herroepingsrecht verenigbaar is met de doelen van richtlijn 2011/83/EU. Het zou een onevenredige beperking van de vrije reclamevoering kunnen blijken de handelaar ongeacht beperkingen in ruimte en tijd van het door hem voor de reclame gebruikte middel voor communicatie op afstand steeds te verplichten de omvangrijke de instructies voor herroeping meteen en rechtstreeks in dit middel voor communicatie op afstand mee te delen en het modelformulier voor herroeping daar dadelijk bij te voegen. Gestelde vragen:

 

1. Is het bij de toepassing van artikel 8, lid 4, van richtlijn 2011/83/EU voor de vraag of bij een middel voor communicatie op afstand (in casu: reclamefolder met bestelkaart) beperkte ruimte of tijd wordt geboden voor het tonen van de informatie, relevant a) of het middel voor communicatie op afstand (abstract genomen) naar zijn aard beperkte tijd of ruimte biedt; dan wel b) of het (concreet) in de door de handelaar gekozen vorm ervan beperkte tijd of ruimte biedt? 

2. Is het verenigbaar met artikel 8, lid 4, en artikel 6, lid 1, onder h), van richtlijn 2011/83/EU om de informatie over het herroepingsrecht in het geval van beperkte weergavemogelijkheid in de zin van artikel 8, lid 4, van richtlijn 2011/83/EU, te beperken tot de informatie dat een herroepingsrecht bestaat? 

3. Is het overeenkomstig artikel 8, lid 4, en artikel 6, lid 1, onder h), van richtlijn 2011/83/EU voor het sluiten van een overeenkomst op afstand ook in het geval van beperkte weergavemogelijkheid steeds noodzakelijk bij het middel voor communicatie op afstand het modelformulier voor herroeping opgenomen in bijlage I, deel B, van richtlijn 2011/83/EU bij te voegen?