Gepubliceerd op vrijdag 8 april 2016
IEFBE 1757
HvJ EU - CJUE ||
7 apr 2016
HvJ EU - CJUE 7 apr 2016, IEFBE 1757; ECLI:EU:C:2016:223 (Staatssecretaris van Financiën tegen Argos Supply Trading), https://ie-forum.be/artikelen/conclusie-ag-over-het-begrip-communautaire-veredelaars-bij-passieve-veredeling-en-vermenging-met-tij

Conclusie AG over het begrip communautaire veredelaars bij passieve veredeling en vermenging met tijdelijk uitgevoerde goederen

Conclusie AG HvJ EU 7 april 2016, IEF 15843; IEFbe 1757; LS&R 1293; ECLI:EU:C:2016:223; C-4/15 (Staatssecretaris van Financiën tegen Argos) Douanerecht. Veredelingsproducten (brandstof). De Hoge Raad wenst met name verduidelijking van het begrip „communautaire veredelaars” aangezien die economische voorwaarden betrekking hebben op het ontbreken van een ernstige schade voor de wezenlijke belangen van deze veredelaars. Conclusie AG:

Artikel 148, onder c), van [Douaneverordening] moet aldus worden uitgelegd dat het begrip ‚communautaire veredelaars’, in de zin van die bepaling, niet alleen betrekking heeft op communautaire producenten van producten die vergelijkbaar zijn met de in de aanvraag voor passieve veredeling bedoelde veredelingsproducten, maar ook op communautaire producenten van producten die vergelijkbaar zijn met niet-communautaire grondstoffen of halffabrikaten die bestemd zijn om te worden vermengd met tijdelijk uitgevoerde communautaire goederen tijdens de in die aanvraag bedoelde veredelingshandelingen.

Gestelde vraag:

Dient in het kader van een toetsing van de economische voorwaarden voor een regeling passieve veredeling het begrip „communautaire veredelaars” in artikel 148, letter c, van het [douanewetboek] aldus te worden uitgelegd dat daaronder mede worden verstaan communautaire producenten van grondstoffen of halffabricaten gelijk aan die welke bij het veredelingsproces als niet-communautaire goederen worden verwerkt?